Gildenvaandels
Tijdens de onlusten in 1423 vreesden de ambachtslieden dat de Bourgondiërs de handelszaken in de stad in beslag zouden nemen en besloten om bij de Raden hun vaandels op te eisen. Na de toekenning van het handvest van 1424 door koning Karel VII en om deel te kunnen nemen aan het beheer en aan het bestuur van de stad werden vijfenvijftig beroepen verenigd onder 36 vaandels. Zo verwierven de vakgroepen of gilden een aanzienlijk politiek belang.
 
Elke gilde bestaat uit 3 graden:
  • de meesters
  • de gezellen
  • de leerjongens
Ze vormen een broederschap onder het gezag van een patroonheilige, waarvan de leden bijeenkomen op een jaarlijks banket.
 
Ambachtslieden die hetzelfde beroep uitoefenen, vestigen zich in dezelfde straat, waar er voortdurend bedrijvigheid is. Iedereen werkt op de benedenverdieping, in een werkplaats die uitziet op de straat, zodat het werk voortdurend gecontroleerd kan worden. En bijna elke dag viert een broederschap haar patroonheilige:
  • de Heilige Elooi, patroonheilige van de edelsmeden
  • de Heilige Jozef, patroonheilige van de timmerlieden
  • de Heilige Lucas, patroonheilige van de schilders

Vereniging van de Gidsen van Doornik - Nicole Demaret